Herdenkingen

     Overweldigende belangstelling bij de Jaarlijkse                      Herdenking "Slag bij Ane"  op

                     16 augustus 2025.

                                               

                                               De Voorzitter opent de vergadering om 14.00 uur.

                                                Jaarlijkse Herdenking Slag bij Ane – 16 augustus 2025

                                                             Lezing door: militair historicus Ronald de Graaf.

 Onderwerp: 'De Slag bij Ane, 1227. Het verloop en wat eraan voorafging'

 Op zaterdag 16 augustus 2025 sprak dr. Ronald de Graaf tijdens de jaarlijkse herdenking van de Vereniging Herdenking Slag bij Ane   onder grote belangstelling in het Info Centrum Vechtdal in Gramsbergen over de Slag bij Ane. Tijdens zijn presentatie vertelde de   Graaf  over de Stichting Overstichtse oorlogen, waarin allerlei expertise wordt gebundeld en waarin hij de militaire geschiedenis   onderzoekt. Vervolgens, na een kort resumé van wat wel en niet bekend is over de slag uit 1227, behandelde hij het onderwerp in drie,   als het ware concentrische cirkels: eerst de oorlog, vervolgens de militaire strategie, en tot slot de tactiek. Allereerst liet hij met   betrekking tot de oorlog zien dat eigenlijk sprake was van een conflict tussen de machtige familie Van Lippe – met vijf broers in de   hoogste functies en vijf zusters die aanzienlijke kloosterinkomsten konden inzetten – tegen boeren in Drenthe en Stedingen. Vervolgens   presenteerde hij bij de militaire strategie een reconstructie van het leger van bisschop Otto, dat vanuit Rhenen richting Ane werd   gevormd. Hierbij schoten de broers Van Lippe, waar nodig, te hulp. Ten slotte besprak hij de tactieken, waarbij hij het ‘geregelde   gevecht’ met riddereer plaatste tegenover de guerrilla en hinderlagen van Roelof van Coevorden. Zijn analyse leidde tot de conclusie   dat de slag geen beslissend gevecht is geweest. Bovendien varieert het gerapporteerde aantal gesneuvelden sterk, van 140 tot ruim   500. Helaas is de kans om het slagveld ooit terug te vinden erg klein, besluit de Graaf zijn presentatie.

                                    


                                   ‘Belang van de Slag bij Ane onderschat’

         De herdenking Slag bij Ane trok zaterdag 20 juli j.l. veel belangstellenden naar het monument in de gelijknamige

         buurtschap Ane, onder de rook van Gramsbergen.


                           HERDENKING 20 JULI 2024.

  Bij het steentjesmonument werden bloemen gelegd en stilgestaan bij de Boerenopstand van 27 juli 1227. Vóóraf gaf                 Prof.Dr. Mees te Velde uit Hasselt voor de leden van de vereniging en andere een boeiende lezing in het Vechtdalmuseum         in Gramsbergen over de beruchte "Slag bij Ane". Mede op zijn verzoek plaatsen wij hieronder een samenvatting van zijn       lezing    

                                                         Zwartewatersklooster: ridders en nonnen in het veen

                                                         Lezing op 20 juli 2024 in Museum Gramsbergen

 

 Op Pantaleonsdag in de zomer van 1227 liep de botsing tussen het leger van bisschop Otto II van Lippe en de manschappen van Rudolf van Coevorden  

 uit op een vreselijk drama. Een paar honderd zwaarbewapende ridders te paard zakten in modder en veen weg. Velen werden daar afgemaakt,

 sommigen gevangen genomen en opgebracht naar de burcht in Coevorden. Aan losgeld had je tenslotte meer dan aan een lijk.

 De rest van het leger sloeg op de vlucht, te paard en te voet. Eerst naar Ane terug. Daar in een boot over de Vecht of over de zandweg-routes erlangs, 

 richting Hardenberg, Ommen, Dalfsen, Zwolle – weg van dat vreselijk oord bij Ane.

 Onze oude bron uit 1232, de Quedam Narracio, zegt er het volgende over:

  • Roelof (Rudolf) en zijn mannen echter, niet tevreden met die moordpartij, springen op hun paarden en achtervolgen de hele dag, tot het vallen van de avond, de vluchtende schepen en mannen langs de Vecht. Velen grijpen ze, nemen hen gevangen en doden hen. En zo, druipend van het bloed van vele onschuldige edelen en nog maar nauwelijks verzadigd, keren ze diezelfde avond terug naar hun gevangenen.
  • En let wel, de vrouwen uit die streek gingen, als ze de kans kregen, in hun moordlust nog erger dan de mannen te keer tegen ons deerniswekkende leger. O rampzaligste van al onze dagen, waarop zoveel edele doden zijn gestorven, voortreffelijke ridders en hooggeboren schildknapen, in totaal wel vierhonderd, samen met hun heer en bisschop; buiten adem op de vlucht, weggezakt in het moeras, afgeslacht door boeren en vrouwen.

 Een heel aantal lichamen is in het moeras achtergebleven. Er schijnen er ook ergens ‘buiten de kerk’ bij Gramsbergen begraven te zijn. En er is een

 vermoeden dat in de buurtschap Stegeren een begraafplaats is ingericht nabij een erf dat later Praestinck werd genoemd; er woonde daar een 

 ministeriaal van de bisschop. Maar zeker is dat uiteindelijk enkele kilometers ten noorden van Hasselt een wel heel bijzondere ridderbegraafplaats is 

 gecreëerd. Daar kregen uiteindelijk ongeveer 145 edelen, ridders en schildknapen hun graf. De overgrote meerderheid daarvan was gedood bij Ane of

 tijdens de vlucht van Ane vandaan. 

 Op een van de zandkoppen ongeveer een kilometer ten oosten van het Zwarte Water werden deze doden begraven. Het oudste document daarover is al 

 uit 1244. Al direct is er ook een lijst van namen opgesteld. Ze waren afkomstig uit verschillende gebieden tot meer dan 100 kilometer van hier. Ver van

 huis kregen ze toch een waardige laatste rustplaats. En voor hen werd een zgn. memorie ingesteld, het voortdurende gebed voor hun zielenheil.

 De voornaamste initiatiefnemer hiervoor was Rodolf Lefman van Kot(t)en. Een broer van hem was in de strijd gevallen. Hij woonde kennelijk hier ergens,

 wellicht op een plek aan het Zwarte Water die nog steeds ‘ de Huusstee’ heet en een archeologisch rijksmonument is. Rodolf maakte er werk van om een  

 nonnenklooster aan de ridderbegraafplaats te verbinden. Zoals in die tijd gebruikelijk werd het monialen-convent gevormd allereerst door vrouwen uit de

 families van de gesneuvelde strijders, een weduwe of een dochter bijvoorbeeld.

 In juli 1233 gaf Otto’s opvolger bisschop Wilbrand van Oldenburg in een plechtige oorkonde zijn goedkeuring. Hij voorzag het klooster van inkomsten en

 rechten. En een bisschop uit Estland (tijdelijk terug in onze streken) had toen de kloosterkerk al gewijd, dus het klooster kon vanaf die zomer volop

 functioneren. De kolonisten-bewoners van het Rouveen schoven er voorlopig ook bij aan.

 De oudste versie van de dodenlijst met 145 namen is ons overgeleverd in een ‘Cronike van den greven van Benthem’ (1485). Daarvan verscheen in 2010

 een moderne editie. Die trok in Hasselt de aandacht van Paul Rademaker en vooral door zijn inspanningen kwam er een zoektocht op gang naar de

 locatie van de ridderbegraafplaats.

 Er is met name werk gemaakt van een plek die op een oude kaart uit 1635 en in de volksmond wordt aangeduid als ‘het olde karkhof’. Die ligt 800 meter

 ten noorden van de kloosterplek en de kern van de buurtschap. Maar in het voorjaar van 2024 is het onderzoek op die locatie (een weiland achter de

 huizen nr. 1 en 2) gestopt wegens onvoldoende aanwijzingen. Er is een mogelijkheid dat de aanduiding ‘olde karkhof’ niet op de ridders slaat, maar op

 de begraafplaats van de eerste middeleeuwse kolonisten in het veen uit de periode 1150-1250.  En de ridders zijn dan niet daar, maar op het

 kloosterterrein 800 meter zuidelijker begraven.

 Op die plek, het voormalig kloosterdomein, liggen nu alleen nog maar resten van de oude gebouwen onder de grond. Maar wellicht is het karakteristieke

 kerkhof van de buurtschap dezelfde plek als waar ooit de ridders zijn begraven. Het moet in ieder geval daar ergens zijn geweest, een sfeervolle

 zandheuvel in het boerenland tussen het Zwarte Water en het Rouwe Veen.

 Hoe ging die memorie in zijn werk? We kunnen dat alleen maar een beetje invullen aan de hand van vergelijkbare situaties. En we denken dan dat

 aanvankelijk misschien wel elke dag specifiek voor deze doden voorbede is gedaan, waarbij de namenlijst misschien op het altaar lag. In later tijd werd

 die speciale memorie wellicht tot één keer per week beperkt. Of ook werden alleen op de Pantaleonsdag (28 juli) nog een keer alle namen voor Gods

 aangezicht gebracht. Totdat na de Reformatie het kloosterleven werd beëindigd en de zusters vertrokken.

 Zwartewatersklooster is nog steeds een bijzondere plek, alleen al door het unieke feit van die met namen en toenamen gedocumenteerde

 ridderbegraafplaats. Kostbaar erfgoed!

 

                                                                             

                                                            Belang van de Slag bij Ane.
 Bijna 800 jaar geleden kwamen Drentse boeren, onder aanvoering van Rudolf van Coevorden in   opstand tegen hun 

 landsheer om te vechten voor hun vrijheid en hun toekomst. Volgens Te Velde wordt het belang van de geschiedenis van 

 de slag bij Ane onderschat. “Het is voor het oosten van ons land van grote betekenis geweest. We kregen onze vrijheid 

 terug. Waarom is het besef van deze slag zo klein?”, vroeg hij zich af. “In de vaderlandse geschiedenis krijgen minder

 belangrijke historische feiten wel een plek, maar de slag bij Ane blijft onderbelicht”.

 De historicus deed dan ook de oproep om in 2027 de viering van 800 jaar Slag bij Ane groots te vieren om zo ook het

 belang van de historische Slag bij Ane te benadrukken.

                                                            Klooster ter gedachtenis

 Uit oude geschriften bracht Te Velde namen naar boven van edelen en ridders – die samen met de     Utrechtse bisschop

 en legerleider Otto II van Lippe in de bloedige Slag bij Ane sneuvelden – in het buitengebied van Hasselt zijn begraven.

 Naast het ridderkerkhof tussen Hasselt en Zwartsluis werd in 1233 ter gedachtenis aan de gesneuvelden een klooster

 gesticht dat later, naar de rivier, de naam Zwartewatersklooster zou krijgen. Er wordt nog steeds onderzoek gedaan naar de

 exacte plek van het klooster en de begraafplaats.

 Tekst en foto’s: Harry Woertink

De Voorzitter opent de vergadering in het Museum in Gramsbergen.

                                  Herdenking 2023

Slag bij Ane in 2023 weer herdacht.

                                                 

                                       Dit jaar lezing over:         "DE GULDENSPORENSLAG VAN 1302"   door mr. Chr.J.J.Diderich, Brussel.

                                                                                                 Korte inhoud:

  1. De Guldensporenslag werd 75 jaar na de slag bij Ane (11 juli 1302) gestreden en besliste een oorlog tussen Frankrijk en het graafschap Vlaanderen ten gunste van Vlaanderen. De Franse Koning die slechts leenheer was, had het voorzien op de zeer rijke Vlaamse steden en wilde Vlaanderen inlijven. Toepassing van onredelijk geweld en dwangmaatregelen leidde tot een door bijna alle Vlamingen gedragen afwijzing van de Fransen, ook door de aanvankelijk Fransgezinde partij. Alle maatschappelijke klassen deden mee met de strijd, zowel ridders als “de kleine man” (vooral ambachtslieden, maar ook boeren) waaronder ook strijders uit andere graafschappen. Sedert de Romeinse tijd waren het de zwaarbewapende ridders te paard die veldslagen beslisten, doordat zij door hun wapenrusting en paarden onaantastbaar waren, maar ook door de slechte bewapening en training van het voetvolk. In de onderhavige slag namen ridders deel, maar het voetvolk (met name de leden van de ambachten)  besliste uiteindelijk de uitslag. Het ging bij het voetvolk om goed getrainde, maar  licht  bewapende strijders die als leden van de ambachten onderling solidair waren. De Franse ridders te paard waren weerloos tegenover hun lange pieken en goedendags. Om het slagveld te bereiken moesten de Fransen een beek  Terugkeer of omdraaien was dus onmogelijk. Velen vonden de dood in de beek en blokkeerden zo de achterhoede. De slag betekende dus een keerpunt in de militaire geschiedenis.
  2. De inzet van de slag was de verdediging van de vrijheid, het  grondgebied en de welvaart van Vlaanderen. De slag heeft Vlaanderen gered van inlijving door Frankrijk en heeft zo de latere stichting van het Bourgondische rijk mogelijk gemaakt, waaruit België en Nederland zijn voortgekomen. Het Bourgondische rijk was  een serieuze en gelijkwaardige tegenstander van Frankrijk, ja zelfs vaak machtiger dan Frankrijk. Toen het Bourgondische rijk werd opgevolgd door de  Habsburgers, verhuisde de koning naar Spanje. Frankrijk zag zo zijn kans schoon om grote delen  van de Zuidelijke Nederlanden af te knabbelen. Dit gebeurde vooral onder Lodewijk de Veertiende. Sindsdien is de grens niet meer gewijzigd.
  3. Er is maar één betrouwbaar verslag van de slag, geschreven door Lodewijk van Velthem in 1316. Met de opkomst van de romantiek en na de stichting van de staat België - het ging toen om een Belgische en niet om een Vlaamse overwinning- nam de belangstelling voor de slag enorm toe. De naam Hendrik Conscience zal eeuwig verbonden blijven met de Guldensporenslag. Zijn De Leeuw van Vlaanderen van 1838 had een ongekend succes. Na de opkomst van de kritische geschiedkunde in de 19e eeuw zijn vele publicaties aan de slag gewijd. Na de regionalisatie van België  heeft Vlaanderen 11 juli als Vlaamse feestdag gekozen.

                             Herdenking 2022.

                                  Beruchte Slag bij Ane Herdacht.

  In Ane is zaterdag de "Slag bij Ane" herdacht. Dit gebeurde met een korte 

  herdenking en een bloemlegging bij het monument in de buurtschap Ane. De 

  "Slag bij Ane" was op 27 juli 1227.  

  Het leger van Bisschop Otto II van der Lippe werd in het moeras gelokt en

  vervolgens afgeslacht. De Slag werd geleid door Roelof van Coevorden. Bij de 

  Drenten, maar ook grote delen van Noord-  Oost-Nederland, ging het  om het

  winnen van hun vrijheid en zelfstandigheid.

 Jeanet Regeling legde de bloemen en Frouwke Doezeman las een                                                                                                                                   

 gedicht voor uit de ballade van de Slag bij Ane van de Drentse dichter Roel Reijntjes.

                                                                                     

                                                                                            Jaarlijkse herdenking


De slag bij Ane in 1227 was voor die tijd een betekenisvolle en beruchte veldslag tussen de bisschop van Utrecht, Otto II en zijn leger. De bisschop was zoals in die tijd gebruikelijk ook wereldlijk heerser over Overijssel, Drenthe en Groningen. Deze historische veldslag wordt jaarlijks herdacht op initiatief van de Vereniging Herdenking Slag bij Ane met onder andere leden uit de gemeenten Ommen, Hardenberg en Dalfsen en die op de grens met Overijssel wonen. Dit om de herinnering aan de veldslag levend te houden. Volgens geschiedschrijvers is deze veldslag bepalend geweest voor de verdere ontwikkeling van Drenthe en grote delen van Noordoost Nederland. Bij het monument werden rood-witte bloemen gelegd. Deze kleuren zijn verbonden aan de Nedersaksische streek waar de veldslag plaatsvond. Ook vlaggen met deze kleur markeerden het herinneringsmonument.

Ommen

Voorafgaande aan de bloemlegging kwamen zo’n 50 belangstellenden bijeen in het Vechtdal Museum in Gramsbergen. Hier hield Wim Visscher, secretaris van de vereniging Slag bij Ane een lezing met de titel “De heren van Coevorden, Ansen en Ommen, voor en tegen de bisschop”, thema’s uit zijn nog te verschijnen boek over de Slag bij Ane. Volgens Visscher had ook Ommen een aandeel in de slag. Voorafgaande aan de Slag bij Ane was Rudolf van Coevorden in Ommen burggraaf, een adellijke titel met een militaire bestuursfunctie. Hij zetelde in Ommen op mottenheuvel Het Laar. Het was zijn zoon Rudolf van Coevorden die in 1227 de Drentse boeren aanvoerde en het machtige ridderleger van de bisschop wist te verslaan. Bisschop Otto II verloor in Ane niet alleen de slag, maar ook zijn leven. De smadelijke dood van de bisschop liet een geweldige indruk achter bij zijn dienaren, die spraken van “de meest rampzalige van al onze dagen”.

                                                                                         

                                                                                                       Ridders te paard


Het door de bisschop aangevoerde ridderleger bestond uit een keur van zwaar geharnaste ridders te paard. Als ze tegen de vijand oprukken, zakken de voorste gelederen meteen langzaam weg in het stinkende, dode moeras, waarin ze ten slotte door het gewicht van hun wapenrusting geheel verzinken. Voor de licht bewapende Drenten, die zich wel makkelijk op het veen konden bewegen, vormden ze dan ook een gemakkelijke prooi. Volgens een kroniekschrijver begon toen ‘het vleeshakken’ dat de hele dag zou voortduren.

==============================================================================================


                              

                      Herdenking 2019

  1. De beslechting van conflicten tussen landsheer en de leenmannen met het recht en met het zwaard:                                                   "DE BISSCHOP VAN UTRECHT CONTRA DE HEEREN VAN                               COEVORDEN".

 In of omstreeks 1143 besloot de Utrechtse Bisschop Hartbert van Bierum het aanzien van zijn beide broers te vergroten door de oudste broer met de Prefectuur 

 van het Burggraafschap van Groningen te belenen en de jongste broer te belenen met de jurisdictie over Drenthe en met het Burggraafschap van Coevorden. Dit

 bisschoppelijke gebaar ging ten koste van de rechten van het bisdom Utrecht in het noorden van het Oversticht. Deze beleningen leverden in de loop der tijd de

 nodige conflictstof op tussen de bisschoppen die na Hartbert kwamen en de nakomelingen van de nakomelingen van Hartberts broers.

 Met name de heren van Coevorden wisten een sterke positie in Drenthe op te bouwen en ontwikkelden zich tot een dynastie van semi-landsheren. De bisschoppen

 waren daarentegen slechts voorbijgangers op de bisschopszetel en daarop geparachuteerd door de in- en rondom het bisdom gelegene gravenhuizen. Het kwam

 regelmatig tot wrijvingen tussen de bisschop als formele landsheer en de -van Coevordens- als would-be-landsheren van Drenthe. Deze wrijvingen werden soms

 langs juridische weg opgelost, maar niet zelden kwam het tot openlijke oorlog en werd het zwaard getrokken.

 De Slag bij Ane in 1227 is een markant moment in de relatie tussen de bisschop en zijn leenman van Coevorden, en had zowel juridisch alsook een bloedig

 staartje.

 De lezing van vanmiddag ging minder over het bloedvergieten dan over het juridisch afhechten van de conflicten. Wij komen dan vooral bij de rol van het

 leenrecht terecht. De zogenaamde “Narracio”, het door een goed ingevoerde Utrechtse geestelijke opgestelde verslag van de voorgeschiedenis en de nasleep  

 van de “Slag bij Ane” biedt een instructief inkijkje in de wijze waarop de landsheer met behulp van het leenrecht zijn greep op de – van Coevordens- probeerde

 te versterken en als dat niet werkte: hoe werd overgestapt op het toepassen van grof geweld. Rechtstoepassing en bloedvergieten lagen in de 12een 13e eeuw dicht

 bij elkaar.

=================================================================================================================



                                   HERDENKING 2018.

 Op 11 augustus 2018 vond bij het Monument in Ane de jaarlijkse Herdenking 

 plaats  van de "Slag bij Ane". Daaraan vooraf werd in Café Bolte te  

 Gramsbergen door de Archeoloog Drs. C.G. Koopstra uit Den Andel (Gr.) een

 lezing gehouden over het onderwerp:

     

    "De Vilsterborch in Umbalaha en andere geheimen van het Vechtdal".


 

 In de 11e eeuw deelde de Keizer zijn Rijk in, in allerlei Graafschappen. Eén daarvan was de Graafschap Umbalaha.

 Over de exacte ligging zijn de meningen verdeeld. De één houdt het op het Land van Vollenhove, de ander op de Vechtstreek,

 terwijl nog weer een ander ziet op het gebied bij Meppen en Haselünne in Duitsland. Bij de spreker stond de rivier de Vecht

 en de daaraan bij de grens met Duitsland gelegen Vilsterborg centraal. Ook Drenthe was in die tijd zo’n Graafschap.

 Het was door de Keizer geschonken aan de Bisschop van Utrecht, die daardoor ook Graaf van Drenthe was geworden.

 De rivier de Vecht was een belangrijke verbinding tussen de stad Utrecht (zetel van de Bisschop) en Drenthe.

 Het was met name van belang voor de afvoer van de Drentse afdrachten (belastingen in natura) naar het bisschoppelijk

 Paleis in Utrecht. De door de Drentse boeren te betalen heffingen moeten, gezien de vele scheepvaartbewegingen

 richting Utrecht, gigantisch zijn geweest. Daarnaast zullen de boeren ook de kosten van de bouw van de (tuf)stenen kerken

 uit de opbrengst van hun landerijen moeten hebben betaald. Om de hieruit ontstane boerenopstanden uit die tijd de kop

 in te kunnen drukken, kunnen ook de door de Bisschop gebouwde Burchten en Sterkten aan de Vecht worden verklaard””.

=================================================================================================================


                          Herdenking  2 0 1 7


                                             Herdenking halve eeuw monument Slag bij Ane op 29 juli 2017   

 Op zaterdag 29 juli jl. vond onder grote belangstelling de jaarlijkse herdenking van de Slag bij Ane plaats. Het bijzondere hierbij was dat op precies dezelfde dag  

 en tijdvijftig jaar eerder (zaterdag 29 juli 1967 te 15.00 uur) het herinneringsmonument te Ane werd onthuld. De steevast aan de herdenking voorafgaande lezing 

 was hieraan dan ook gewijd.

 Spreker van die middag mr. W. Visscher stipte, aan de hand van een beamer-presentatie, de hoogtepunten aan van de afgelopen halve eeuw van het bestaan van   

 het monument.

 Ook de oprichters van het monument kregen hierbij ruime aandacht van de spreker.Allereerst was dat de Ommenaar Dieks Makkinga die indertijd als het ware 

 hemel en aarde moest bewegen om de autoriteiten mee te krijgen in zijn streven om het monument ‘van de grond te krijgen’. Dit leek pas te lukken bij een de door

 hem gestarte zegelactie in zo’n dertig gemeenten in Noord en Oost- Nederland, waarvan slechts een enkele haar toestemming meende te moeten ontzeggen.

 Tekenend was dat dit laatste ook bij nota bene de eigen gemeente Gramsbergen het geval was.Dit terwijl de burgemeester zich aanvankelijk zeer positief had

 opgesteld. De zaak kwam pas in een stroomversnelling toen ds. Harm van Lunzen uit Odoorn deel van het oprichtings-comité ging uitmaken. Deze predikant

 beschikte over uitstekende contacten met tal van toenmalige prominente Nederlanders, waaronder ook veel burgemeesters, bestuurders, professoren, rechters en

 Kamerleden. Vele tientallen van hen meldden zich aan als lid van het comité van aanbeveling van het initiatief inzake oprichting monument Slag bij Ane. Spoedig

 daarna kon er een stuk grond voor het monument worden aangekocht. Een warm medestander, tevens lid van het oprichtings-comité, Evert Jan Schuurman uit

 Ruinerwold, bouwde samen met bovengenoemde Makkinga steentje voor steentje het monument op. Een andere werker van het eerste uur was de Gramsberger

 Albert Regeling, een oude vriend van Makkinga. Hun namen staan in het monument gegrift. De feestelijke onthulling van het monument in 1967 werd onder zeer 

 grote belangstelling verricht door mr. dr. H.P. Schaap, pro deo advocaat te Zierikzee, die bij deze gelegenheid ook de feestrede hield. Deze ging over de  

 betekenis van de Slag bij Ane voor de vrijheid van Drenthe. De bijeenkomst, die werd geleid door ds. van Lunzen, werd afgesloten door een trompetblazer van de

 Johan Willem Friso-kapel uit Assen en een gedicht geheten Ballade van de Slag bij Ane door de dichter Roel Reijntjes. Ook een halve eeuw later ondervindt het  

 monument nog steeds grote belangstelling. (W.V. 2017)

=================================================================================================================



HERDENKING 2016.

Beruchte "Slag bij Ane" herdacht.


                                                                                             Herdenking 2016

 ANE – In Ane is zaterdag 30 juli 2016 de Slag bij Ane herdacht. Dat gebeurde met een korte herdenking en bloemlegging bij het monument in de buurtschap 

 Ane. De Slag bij Ane was op 28 juli 1227. Het leger van bisschop Otto II van der Lippe werd in het moeras gelokt en vervolgens afgeslacht. De slag werd geleid 

 door Roelof van Coevorden.

                                                                                                   Jaarlijks

 De historische veldslag wordt jaarlijks herdacht op initiatief van de Vereniging Herdenking Slag bij Ane met onder andere leden uit de gemeenten 

 Ommen,Hardenberg en Dalfsen en die op de grens met Overijssel wonen. Dit om de herinnering aan de veldslag levend te houden, Volgens geschiedschrijvers is

 deze veldslag bepalend geweest voor de verdere ontwikkeling van Drenthe en grote delen van Noordoost Nederland. Bij het monument werden rood-witte   

 bloemen gelegd. Deze kleuren zijn verbonden aan de Nedersaksische streek waar de veldslag plaatsvond. Ook vlaggen met deze kleur markeerden het

 herinneringsmonument.

                                                                                                  Lezing


 Vooraf aan de bloemlegging kwamen zo’n 60 belangstellenden bijeen in café Bolte in Gramsbergen. Hier hield Paul Rademaker uit Hasselt een lezing. De

 amateurhistoricus lichte een tipje van de sluier op over zijn onderzoek in de archieven van het Duitse Bentheim naar namen van ridders die In de slag bij Ane zijn

 omgekomen en begraven liggen op korte afstand van het voormalige Zwartwaterklooster bij Hasselt. Van 1233 tot de Reformatie stond hier een klooster met kerk die

 gebouwd werd om het zielenheil van de omgekomen ridders van het leger van Otto II veilig te stellen. Elke dag werden de namen van 139 ridders door de nonnen

 voorgelezen in het zogeheten dodenofficie.

                                                                                                Drenten


 De slag bij Ane in 1227 was voor die tijd een betekenisvolle en beruchte veldslag tussen de bisschop van Utrecht, Otto II en zijn leger. De bisschop was zoals in 

 die tijd gebruikelijk tevens wereldlijk heerser over Overijssel, Drenthe en Groningen. Vanuit Hasselt over de Vecht trok het grote bisschoppelijke leger richting

 Gramsbergen. Het door de bisschop aangevoerde ridderleger bestond uit een keur van zwaar geharnaste ridders te paard. Hieronder waren grote namen als de

 graaf van Gelre, Gijsbrecht van Amstel, graaf Boudewijn van Bentheim, Rudolf van Goor en de beroemde ridder Bernhard vonHorstmar. Het Drentse boeren-

 legertje had zich op de grens met Overijssel op een hoger punt opgesteld. De ridders hadden zich zoiets als een toernooiveld voorgesteld. Maar dat bleek een

 stinkend moeras te zijn. Voor de licht bewapende Drenten, die zich wel makkelijk op het veen konden bewegen, vormden ze dan ook een gemakkelijke prooi. De

 Drentse boeren gewapend met schoppen, hooivorken en zeisen kwamen onder aanvoering van Rudolf van Coevorden tegenover de Bisschop en zijn leger te staan.

 Na eerst nog te onderhandeld hebben werd het bisschoppelijke leger het moeras ingelokt en ging letterlijk en figuurlijk kopje onder. Volgens een kroniekschrijver

 begon toen ‘het vleeshakken’ dat de hele dag zou voortduren.

=================================================================================================================


                                        Herdenking 2015.


                                                          JAARLIJKSE HERDENKING 25 juli 2015


 De Vereniging “Herdenking Slag bij Ane”hield op zaterdagmiddag 25 juli j.l. haar jaarlijkse Herdenking bij Café Bolte in Gramsbergen. Een groot aantal 

 bezoekers, leden en niet leden, was deze middag bijeengekomen voor de spreekster die dit jaar was uitgenodigd, archeologe mevr. drs. A.G.M. Spiekhout. Zij is

 als medewerkster verbonden aan de Faculteit der Letteren, afdeling Landschapsgeschiedenis, van deRijksuniversiteit te Groningen, (RUG). De lezing had als titel:

 “De Kastelen en Bisschoppelijke Steunpunten in het Oversticht tussen 1050 en 1450”, de jaren dus waarin de Slag bij Ane (1227) plaatsvond. Het ging in deze

 lezing o.m. over de vele z.g. : “Mottekastelen en Rondburchten”, die de Utrechtse Bisschoppen er in bovengenoemde perioden in Overijssel, Drenthe en in (een

 deel van) Groningen op na hielden.

 Ondanks het door het KNMI voor deze middag afgegeven weeralarm, waren er toch weer veel belangstellenden voor deze lezing naar Gramsbergen gekomen en

 was de cafézaal bijna tot de nok gevuld, zo melde laterons de zaaleigenaar. Na afloop van de lezing omstreeks 15.00 uur begaf een substantieel deel van de

 aanwezigen zich naar het Monument te Ane, waar het tweede gedeelte van de herdenking plaatsvond. Hier werd door de Volksdichter, de heer Thijs Knotters uit

 Dalfsen, een zelfgemaakt gedicht over de Slag voorgedragen, en daarna werden op het Monument, zoals jaarlijks gebruikelijk is, de bloemen gelegd; ditmaal door

 Jonkheer Jan van Coeverden, die een rechtstreekse nakomeling is van Ridder Rudolf van Coeverden, die op 28 juli 1227 met een Drents boerenlegertje het onder

 leiding van Bisschop Otto II van Utrecht staande Ridderleger in het moeras bij Ane versloeg.

 Na de officiële herdenking bezocht voorts een groot aantal aanwezigen het naburige voormalige slagveld bij Ane. Van zowel de herdenking alsook het bezoek aan

 het slagveld, zijn dit jaar filmopnames gemaakt door een filmploeg van de VPRO-televisie.


 Het ligt in de bedoeling dat een impressie van deze Herdenking zal worden uitgezonden in maart 2016, in het VPRO-programma “De Hokjesman”.

=================================================================================================================



            Herdenking 2014



 ANE-GRAMSBERGEN- Met bloemlegging bij het monument in Ane is zaterdag 26 juli 2014 onder grote belangstelling de Slag bij Ane herdacht van 

 27 juli 1227. Elk jaar wordt deze historische veldslag herdacht op initiatief van de Vereniging “Herdenking Slag bij Ane”.


 Voorafgaande aan de bloemlegging was er in café Bolte in Grambergen een lezing. Drs. G. Kleis uit Coevorden liet aan de hand van een power point presentatie 

 de geschiedenis van kasteel Coevorden zien. Oorspronkelijk een mottekasteel voorzien van een donjon had kasteel Coevorden een groot aandeel in de

 geschiedenis van de Slag bij Ane. Kleis wist de aandacht van de aanwezigen boeien.


 De Vereniging Herdenking Slag bij Ane telt een groot aantal leden, afkomstig uit de wijde regio en ook die met het gebied op de grens van Overijssel en Drenthe

 verbonden zijn. De vereniging zorgt ervoor dat elk jaar rood-witte bloemen gelegd worden. Deze kleuren zijn verbonden aan de Nedersaksische streek waar de

 veldslag 787 jaar terug plaatsvond. Ook vlaggen met deze kleur markeerden zaterdag het herinneringsmonument. Dominee Klaas Schaap uit Dalfsen had de eer   

 de bloemen te mogen leggen. De heer Thijs Knotters uit Dalfsen droeg een eigen gemaakt gedicht voor over de slag bij Ane.


 De slag bij Ane was voor die tijd een betekenisvolle beruchte veldslag tussen de bisschop van Utrecht, Otto II en de Drenten.

 Bij die veldslag werd de Bisschop en zijn leger door de Drenten onder leiding van de kastelein Rudolf van Coevorden letterlijk een kopje kleiner gemaakt. Een

 gevecht van de Drentse boeren tegen hun landsheer voor vrijheid en een betere toekomst. Ook Overijssel kreeg vanaf toen haar vrijheid terug. Vanuit Hasselt over

 de Vecht richting Ommen trok het grote bisschoppelijke leger vervolgens richting Gramsbergen. De Drenten hadden zich op de grens met Overijssel op een 

 hoger punt opgesteld.

 De verzamelde ridders hadden zich zoiets als een toernooiveld voorgesteld. Maar dat bleek een stinkend moeras te zijn. Te voet was het wel begaanbaar. Echter, 

 de paarden met daarop de in harnas gestoken ridders, gingen na twee of drie keer stampen van de hoeven en draaien door de bovenlaag heen. Paard en berijder

 konden dan ook geen kant meer op. De Drentse boeren gewapend met schoppen, hooivorken en zeisen kwamen onder aanvoering van Rudolf van Coevorden

 tegenover de Bisschop en zijn leger te staan. Na eerst nog te onderhandeld hebben werd het bisschoppelijke leger het moeras ingelokt en ging letterlijk en

 figuurlijk kopje onder.

 Voor de Drenten was het vervolgens een koud kunstje om het hele bisschoppelijke leger van ruim 400 ridders en bijbehorend voetvolk af te slachten. Dat gebeur-

 de vaak met de van het bisschoppelijke leger buit gemaakte zwaarden.

 Dankzij de slag bij Ane is bijvoorbeeld Assen ontstaan. Drenthe moest daar na de slag als boetedoening een klooster bouwen. In Overijssel werd toen het Zwarte

 Waterklooster bij Hasselt gesticht, waar de ridders van het leger werden begraven.

=================================================================================================================


            Herdenking 2013



                                                                          Slag bij Ane op 27 juli 2013 weer groots herdacht.

 Met een lezing in Café Bolte in Gramsbergen waar een grote menigte zich had verzameld, en een bloemlegging daarna bij het monument in Ane werd 

 afgelopen zaterdag onder veel belangstelling de jaarlijkse herdenking van de Slag bij Ane uit 1227 gehouden. In dat jaar werd bij Ane de Utrechtse bisschop 

 Otto II met een groot ridderleger door Rudolph van Coevorden en de Drenten verslagen. Het ridderleger kwam vast te zitten in het moerasgebied ten noorden 

 van Ane. Spreker was deze middag niemand minder dan Prof. Dr. A. Janssen uit Horstmar, Duitsland, die deze geschiedenis al geruime tijd bestudeert en voor

 de aanwezigen een boeiend en interessant betoog hield.

 Het uitgekozen onderwerp van de lezing was: “Ritter Bernhard von Horstmar und die Schlacht bei Ane in 1227”. Bernhard van Horstmar was een van de ruim

 400 omgekomen ridders in de Slag bij Ane. De lezing werd in het Duits uitgesproken maar dat was geen enkel probleem want alles was goed te volgen via een

 z.g. Powerpoint-presentatie, die zorgvuldig was samengesteld door Prof. Janssen, die overigens uitstekend Nederlands verstaat, maar niet spreekt. Bernhard van

 Horstmar was in zijn tijd een zeer bekende ridder. Bij een veldslag had hij zijn paard beschikbaar gesteld aan de koning wiens paard dodelijk gewond was

 geraakt en redde zo de koning. Zelf wist Bernhard van Horstmar zich zonder zijn paard nog staande te houden. Overigens had hij destijds aan twee

 kruistochten deelgenomen, maar de Slag bij Ane bleek voor de koene ridder een brug te ver. In deze slag vond hij zijn roemloos einde.

===============================================================================================================


           Herdenking 2012



Onder grote belangstelling Slag bij Ane herdacht

Bij die veldslag op de grens van Overijssel en Drenthe werd Bisschop Otto II door de Drenten onder leiding van de kastelein Rudolf van Coevorden letterlijk een kopje kleiner gemaakt. Een gevecht van de Drentse boeren tegen hun landsheer voor vrijheid en een betere toekomst. Ook Overijssel kreeg vanaf toen haar vrijheid terug. Vanuit Ommen trok het grote bisschoppelijke leger destijds richting Coevorden. De Drenten hadden zich op een hoger punt opgesteld op deze warme dag. Er zijn nog onderhandelingen gevoerd, maar zonder resultaat.

De verzamelde ridders hadden zich zoiets als een toernooiveld voorgesteld. Maar dat bleek een stinkend moeras te zijn. Te voet was het wel begaanbaar. Echter, de paarden met daarop de in harnas gestoken ridders, gingen na twee of drie keer stampen van de hoeven en draaien door de bovenlaag heen. Paard en berijder konden dan ook geen kant meer op. De Drentse boeren gewapend met schoppen, hooivorken en zeisen kwamen onder aanvoering van Rudolf van Coevorden tegenover de Bisschop en zijn leger te staan. Ze werden het moeras ingelokt waar het zwaar bewapende leger wegzakte.

Voor de Drenten was het vervolgens een koud kunstje om het hele bisschoppelijke leger van ruim 400 ridders en bijbehorend voetvolk af te slachten. Dat gebeurde vaak met de van het bisschoppelijke leger buit gemaakte zwaarden. Elk jaar komen geschiedenisliefhebbers bij elkaar om de slag te herdenken. Dankzij de slag bij Ane is bijvoorbeeld Assen ontstaan. Drenthe moest daar na de slag als boetedoening een klooster bouwen. In Overijssel werd het Zwarte Waterklooster bij Hasselt gesticht, waar ook ridders van het leger werden begraven.

Voorafgaande aan de bloemlegging was er in café Bolte in Grambergen een lezing. De Vereniging herdenking Slag bij Ane, met leden uit Dalfsen, Ommen, Hardenberg en ook die met het gebied op de grens van Overijssel en Drenthe verbonden zijn, zorgt ervoor dat elk jaar rood-witte bloemen gelegd worden. Deze kleuren horen bij de Saksische streek. Ook vlaggen met deze kleur markeerden zaterdag het herinneringsmonument.

Bron: Harry Woertink – 28 juli 2012

Artikel : http://www.oudommen.nl/?p=10850



                                                                                                                                                                                      

                                                                                                                    










Zaterdag 30 juli 2011 werd traditioneel de Slag bij Ane herdacht. Ruim vijfenveertig genodigden en belangstellenden verzamelden zich bij café 

 Bolte te Gramsbergen om eerst van koffie en koek te genieten. De spreker, de heer P.C.M. Rademaker uit Hasselt had een interessante lezing over

 de voorgeschiedenis van de slag bij Ane uit 1227. Van de ridders die hadden meegevochten in Ane waren er veel die daarvoor ook aan een

 kruistocht hadden mee gedaan.

 De bloemen bij het monument in Ane werden dit keer gelegd door twee eerstejaars studenten, Gert Slatman en Mirjam van Dijk. Vervolgens werd door de

 volksdichter Th. Knotters een gedicht voorgedragen. Overigens was het bijzondere van deze bijeenkomst dat die ook in het teken stond van het 35-jarig bestaan  

 van de vereniging ‘Herdenking Slag bij Ane’.

                                                                                               Boekwerk

 Ter gelegenheid daarvan werd aan alle aanwezigen een boekwerkje over de Slag bij Ane aangeboden, geschreven door mr. drs. W. Visscher. Hij stelt daarin

 ondermeer: Het monument te Ane houdt als tastbaar teken de herinnering aan deze eeuwenoude vrijheidsstrijd levend. Het is met recht een plaats van herinnering

 en herdenking.

 Bron: De Toren

=================================================================================================================


          HERDENKING  2011 

ZEER GESLAAGDE HERDENKING SLAG BIJ ANE